Afbeelding

Vissen met een voerkorf is heel erg populair. Dat is een ding wat zeker is. Het voordeel van een voerkorf is dat deze ervoor zorgt dat, op welke afstand er ook gevist wordt, het aas en lokvoer altijd bij elkaar liggen. Als je er voor zorgt dat je steeds op dezelfde plaats je voerkorf aanbiedt dan ontstaat er een goede voerplek. Het bijhouden van de voerplek is daarbij uitermate van belang. Dankzij het voerkorfje, kan iedere feedervisser, het op tijd bijvoeren niet vergeten. Om steeds op dezelfde voerplek terecht te komen kan de lijn achter de clip van de molen worden vastgezet.
Afbeelding
Met een feederhengel zijn allerlei soorten witvis te vangen. Het maakt niet uit of het hard of zacht stroomt de kans dat je wat vangt met een feederhengel is redelijk groot

Afbeelding

We bespreken hier de feederhengel maar zoals bekend zijn er ook winkle pickers in de handel. Een winkle picker is eigenlijk ook een soort feederhengel alleen deze zijn wat lichter. Een winkle picker kun je het beste op stilstaand water gebruiken maar ze zijn ook op zacht stromend water goed te gebruiken. Wil je grotere afstanden overbruggen en vis je bijvoorbeeld in snel stromend water dan kun je de feederhengel gebruiken. De feederhengel is wat zwaarder waarmee je dus meer gewicht mee kunt werpen en dus ook verder. Een feederhengel is weer in te delen in verschillende categorieën. Zo heb je de medium feeder. Met deze hengel kun je toch wel een gewicht van 60 gram wegwerpen. Dit houdt dus in dat je dan verder uit de kant kunt vissen. Verder heb je de heavy feeders. Met deze hengels kun je toch wel 8o tot 100 gram werpen. Een behoorlijk gewicht dus. Nu we dit allemaal weten moeten we ook nog rekening houden met de voerkorf. De voerkorf kan van verschillende afmeting zijn. Dit is afhankelijk van de hengel en de omstandigheden waarin we vissen. De wat grotere voerkorven hebben in gevulde toestand (uiteraard afhankelijk van het formaat en het aangebracht extra loodgewicht) toch al gauw een gewicht dat ergens tussen de 40 en een dikke 100 gram ligt! Om deze zware gewichten weg te zetten is een langere hengel een vereiste. Denk aan een heavy feederhengel. Dus schaf een hengel aan die bij het te bevissen water en vis omstandigheden past. TIP: Bij aanschaf van een feederhengel zitten meestal drie verschillende topjes bij. Om een juiste keuze te maken welke top je wilt gebruiken moet je de drie topjes tussen duim en wijsvinger vasthouden. Het topje met de grootste actie zal het meeste doorbuigen.
Afbeelding

Afbeelding

De allereerste voerkorven die in de handel kwamen waren korven vervaardigd van metaalgaas in een hulsvormige vorm gebogen met daaraan een loodstrip. Later kwamen er ook plastic voerkorven in de handel en sindsdien hebben de ontwikkelingen van voerkorven niet stilgelegen.
Een belangrijk verschil tussen een open plastic voerkorf en een gaasfeeder is dat de plastic voerkorf tijdens het binnendraaien gemakkelijker van de bodem loskomt, als de aan alle kanten open gaasfeeder.
Dit is met name van belang als er zich tamelijk veel vuil (wier e.d.) op de bodem bevindt.
Voerkorven (ook wel swimfeeders genoemd) zijn te verdelen in drie groepen. Zo heb je de open voerkorven; deze korven zijn aan beide zijden open. De tweede soort voerkorf (je voelt hem al aankomen) is de gesloten korf, deze korven zijn aan beide zijden gesloten.
Nu zul je wel denken en de half open korf dan!! Goed gedacht de half open voerkorf is de nummer drie. Deze korven zijn aan één zijde open.

Je hebt vast wel eens gehoord van een snelle en een trage voerkorf.
Deze benamingen slaan alleen maar op het feit of het voer er snel of langzaam uit spoelt. Een trage voerkorf is een korf waar kleine openingen in zitten en het voer zal dan ook langzaam uit de korf dwarrelen. Kies je dus voor een dichte korf dan zal het voer langzamer uit de korf komen. Dit kan voordelen hebben bij snel stromend water. Deze korven worden ook wel een madenkorf genoemd. Bij een snelle voerkorf zijn de gaten groter (open voerkorven) en het voer zal er dan snel uit spoelen. Deze korven worden veel gebruikt bij stilstaand en bij licht stromend viswater. Zelf gebruik ik de snelle korf vaak. Het voer combineer ik dan met wat maden en/of casters. Het voer komt met deze korven vrij snel los. Je kunt, als je dit niet wilt hebben, kiezen voor een dichte korf. Hoe meer gaten er in een korf zit des te sneller het voer eruit is.
lees meer over voerkorven

Afbeelding
Afbeelding
Er zijn verschillende methodes om de korf aan je lijn te monteren. Een manier is om aan het einde van je hoofdlijn een grote lus van ongeveer 50 cm te maken. 5 cm voor het einde leg je een knoop in de lus. Zodoende heb je 2 lussen. Aan de grootste lus haak je een wartel. Daaraan komt de korf te hangen. Aan het korte lusje komt de onderlijn.
Met deze montage kan de korf heen en weer schuiven. Als je dan beet hebt, schuift de lijn iets door de wartel van de korf. Zo zijn er nog legio methodes. Wij beperken ons op dit moment tot deze methode.
Afbeelding

Afbeelding